1) Drone-typen en platformen
- Multirotor – Drone met meerdere rotoren voor stabiel hoveren en precisiewerk.
- Quadcopter – Viermotorige multirotor; meest gangbare form factor.
- Hexacopter – Zes motoren met extra draagkracht en redundantie.
- Octocopter – Acht motoren voor zware payloads en hoge betrouwbaarheid.
- Tricopter – Drie motoren, vaak wendbaar en licht.
- Coaxiaal frame – Dubbele motoren per arm voor compactheid en redundantie.
- Ducted fan / Cinewhoop – Beschermde props voor veilige indoor en close-proximity shots.
- Fixed-wing – Vleugeltoestel, efficiënt voor lange afstanden.
- VTOL – Verticale start/landing, cruise als fixed-wing.
- Tilt-rotor – Rotors kantelen voor hover en voorwaartse vlucht.
- Sub-250 g – Superlichte drones met ruimere inzet in A1.
- Heavy-lift – Voor cinema-camera’s, LiDAR en zware sensoren.
- Tethered drone – Via kabel gevoed voor lange hover-tijden.
- FPV-drone – First-person-view voor acro en dynamische shots.
- Cinewhoop – Kleine geducte FPV-drone voor veilige indoor beelden.
- Agridrone – Spuit- of strooidrone voor landbouw.
- Delivery-drone – Toestel voor bezorging van kleine ladingen.
- Hydrogen / hybrid – Waterstofcel of brandstofmotor voor langere vliegtijd.
2) Onderdelen, elektronica en aandrijving
- Frame – Structuur van armen, body en montagepunten.
- Motor (KV) – Brushless motor; KV = toeren per volt.
- Propeller – Maat en pitch bepalen stuwkracht en efficiëntie.
- ESC – Regelt motorsnelheid, los of 4-in-1.
- Flight controller (FC) – Vliegcomputer met sensoren en algoritmen.
- IMU – Gyro en accelerometer voor houding en stabilisatie.
- Barometer – Luchtdruk voor hoogte-stabilisatie.
- Magnetometer – Elektronisch kompas voor heading.
- GNSS-module – GPS/GLONASS/Galileo; positie en RTH.
- RTK-module – Centimeter-nauwkeurige GNSS-correcties.
- PPK-kit – Post-processing GNSS voor nauwkeurige georeferentie.
- OSD / HUD – Vluchtdata in de videofeed.
- VTX / VRX – Videozender en -ontvanger voor FPV.
- Radio-ontvanger – Besturingslink zoals SBUS, CRSF/ELRS.
- Antenne – Bereik en linkkwaliteit.
- PDB / BEC – Voedingsverdeling en spanningsregelaars.
- Batterij (LiPo/Li-ion) – Energiebron; let op C-rating en opslagspanning.
- BMS – Beheert laden, balanceren en veiligheid van cellen.
- Gimbal – Gestabiliseerde cameramount.
- Parachute – Veiligheidsvoorziening voor gecontroleerde daling.
3) Besturings- en vluchtmodi
- Manual / Acro – Directe stick-controle zonder zelfstabilisatie.
- Angle / Horizon – Gestabiliseerd met kantelhoek-limieten.
- ATTI – Attitude-hold; geen GPS-positieslot.
- Altitude hold – Hoogte constant, horizontaal zelf sturen.
- GPS hold / Loiter / Position – Positie en hoogte constant met GNSS.
- Waypoint / Auto – Vooraf geprogrammeerde route.
- RTH / RTL – Automatisch terug naar home-punt.
- Geo-fence – Virtuele begrenzing voor afstand/hoogte/gebied.
- Follow-me / ActiveTrack – Volgt een onderwerp automatisch.
- Tripod / Cine – Sterk gedempte, precieze bewegingen.
- Obstacle avoidance – Detectie en ontwijking van obstakels.
- Precision landing – Nauwkeurig landen op marker of pad.
- Terrain follow – Vaste hoogte boven terreinprofiel.
4) Sensoren en payloads
- RGB-camera – Standaard kleurencamera voor foto en video.
- Global shutter – Voorkomt rolling-artefacts bij mapping.
- Thermische camera – Warmtebeeld voor inspecties en SAR.
- Multispectraal – Vegetatie-indices zoals NDVI.
- Hyperspectraal – Veel spectrale banden voor onderzoek.
- LiDAR – Laser-scanner voor puntenwolken.
- Zoom-gimbal – Optische zoom voor detailinspectie.
- Gas-sensor – Detecteert lekkages zoals methaan.
- Megafone / spotlight – Voor hulpdiensten en crowd control.
- Delivery box – Pakketpod voor bezorging.
- RTK-base – Referentiestation voor RTK/PPK.
5) Luchtruim, kaarten en geozones
- CTR – Gecontroleerd luchtruim rond luchthavens; in Open niet toegestaan.
- TMA – Luchtruimlaag rond CTR’s op hogere niveaus.
- TMZ – Transponder Mandatory Zone.
- RMZ – Radio Mandatory Zone.
- P-gebied (Prohibited) – Verboden gebied.
- R-gebied (Restricted) – Beperkt gebied.
- D-gebied (Danger) – Gevaarlijk gebied.
- UAS Geographical Zone – Aangewezen dronezone met voorwaarden.
- U-space – Digitaal ondersteund luchtruim met UTM-diensten.
- AGL – Hoogte t.o.v. de grond.
- AMSL – Hoogte t.o.v. zeeniveau.
- Floor / Ceiling – Onder- en bovengrens van een luchtruimlaag.
- NOTAM – Tijdelijke waarschuwing of restrictie.
- TFR – Tijdelijke vliegbeperking.
- Magnetische declinatie – Verschil tussen magnetisch en geografisch noorden.
6) Regels, certificering en documenten
- Open categorie – Laag risico; subcategorieën A1, A2, A3.
- A1/A3 certificaat – Basis vliegbewijs.
- A2 certificaat – Extra theorie en praktijkverklaring.
- Specific categorie – Buiten Open; autorisatie verplicht.
- Certified categorie – Hoog risico; strikte eisen.
- C-classmarks C0–C6 – CE-labels die inzet en regels bepalen.
- Remote ID – Uitzending van drone- en operatoridentiteit.
- Operatorregistratie – Verplichte inschrijving.
- LUC – Light UAS Operator Certificate.
- SORA – Risicobeoordeling voor Specific.
- PDRA – Gestandaardiseerde SORA-uitkomsten.
- STS-01 / STS-02 – EU-standaardscenario’s.
- Operations Manual – Procedures en veiligheidsbeleid.
- CONOPS – Concept of Operations.
- UDP – Uniforme daglichtperiode in NL voor Open.
- Verzekering – WA-dekking voor luchtvaartuigen.
- Privacy / AVG – Verwerking van beeld en persoonsgegevens.
7) Operaties, planning en crew
- Mission planning – Doel, route, hoogtes en marges bepalen.
- Site survey – Plaatselijke risicoanalyse.
- Briefing / debriefing – Voor- en nabespreking.
- PIC – Pilot in Command; eindverantwoordelijke.
- Payload operator – Bedient sensor of camera.
- UA-observer – Waarneemt VLOS en helpt veiligheid.
- Lost link – Verlies van besturings- of videolink.
- Contingency – Plan bij verstoring met controle.
- Emergency – Plan bij direct gevaar; noodlanding of kill-switch.
- Deconfliction – Conflicten voorkomen met andere UAS.
8) Weer, performance en aerodynamica
- MTOM – Maximale toegestane startmassa.
- Payload capacity – Toelaatbaar gewicht van lading/sensoren.
- Vliegtijd / endurance – Verwachte tijd in de lucht.
- Windresistentie – Maximale veilige wind.
- Density altitude – Effect van luchtdichtheid op performance.
- Icing – IJsafzetting die lift en sensoren belemmert.
- Prop wash – Turbulentie van eigen propellers.
- Vortex ring state – Onstabiele daling bij te snelle verticale afdaling.
- Ground effect – Extra lift dicht bij de grond.
- IP-rating – Spat- of waterdichtheid van hardware.
9) Data, mapping en fotogrammetrie
- GCP’s – Grondcontrolepunten met bekende coördinaten.
- Checkpoints – Onafhankelijke meetpunten voor kwaliteitscontrole.
- GSD – Ground Sampling Distance; resolutie per pixel.
- Overlap / sidelap – Overlappende foto’s voor reconstructie.
- Orthomozaïek – Geometrisch gecorrigeerde kaartlaag.
- DSM / DTM – Oppervlakte- en terreinhoogtemodel.
- Puntenwolk – 3D-puntverzameling uit LiDAR of foto’s.
- Mesh / texture – 3D-model met oppervlak en texturen.
- Coördinatenstelsel – WGS84 of nationaal stelsel.
- GeoTIFF / LAZ – Bestandsformaten voor geo-data.
- Radiometrische kalibratie – Vergelijkbare pixelwaarden tussen vluchten.
- PPK / RTK workflow – Correcties voor hoge nauwkeurigheid.
10) FPV en racing
- Goggles – Bril met first-person-weergave.
- VTX power – Zendvermogen van de videolink.
- Betaflight / INAV / ArduPilot – Firmware voor tuning en navigatie.
- Rates / PIDs – Besturingsrespons en stabilisatie-parameters.
- Blackbox – Vluchtdata loggen voor analyse.
- Turtle mode – Zelf omklappen na een crash.
- Cine-rates – Langzame, vloeiende instellingen.
- ELRS / Crossfire – Long-range besturingsprotocollen.
11) Veiligheid en mitigaties
- Redundantie – Dubbele systemen voor betrouwbaarheid.
- Failsafe – Acties bij linkverlies.
- Geofencing – Softwarematige zonebeperkingen.
- Parachutesysteem – Impact beperken bij nood.
- ADS-B in/out – Positiedeling met luchtvaart.
- Detect-and-avoid – Botsingen actief vermijden.
- Kill-switch – Motoren direct stoppen in nood.
- Fire safety – Veilig omgaan met LiPo-brand.
12) Energiebeheer en onderhoud
- Storage-spanning – Opslag rond 3,8–3,85 V per cel.
- C-rating – Maximale veilige laad- en ontlaadstroom.
- Cycle count – Aantal laadcycli, indicatie veroudering.
- SOH / SOC – Gezondheid en ladingstoestand.
- Balanceren – Cellen op gelijke spanning brengen.
- Firmwarebeheer – Versies van FC/ESC/payload bijhouden.
- Prop-balancering – Trilling verminderen.
- MTBF – Gemiddelde tijd tussen storingen.
13) U-space, UTM en netwerkdiensten
- UTM – Unmanned Traffic Management voor digitale coördinatie.
- USSP / CISP – U-space serviceproviders en informatiebron.
- Strategische deconflictie – Vooraf paden conflictvrij plannen.
- Tactische deconflictie – Realtime conflicten oplossen.
- Network Remote ID – Identiteit via netwerkdiensten.
- Flight authorisation – Digitale toestemming in U-space.
14) Media en cinematografie
- Shutter angle / ISO – Belichting en motion-blur.
- ND / CPL-filters – Sluitertijd en reflecties beheersen.
- Log-profiel – Groot dynamisch bereik voor grading.
- Bitdiepte / codec – 10-bit, ProRes, H.265 enz.
- LUT – Vaste kleurtransformatie.
- Hyperlapse / orbit / dolly – Voorgeprogrammeerde filmbewegingen.
15) Juridisch, privacy en ethiek
- AVG – Privacyregels voor beeld en persoonsgegevens.
- Portretrecht – Rechten van herkenbare personen in beeld.
- Eigendomsrecht – Gebruik van terrein of gebouw; toestemming.
- DPIA – Privacy-impactanalyse bij gevoelige data.
- Anonimiseren / blurren – Herkenbaarheid verminderen.
- Natura 2000 vergunning – Extra toestemming in beschermde gebieden.
- NDA / location release – Contracten voor vertrouwelijkheid en toestemming.
16) Project, business en communicatie
- Briefing / shotlist – Creatieve en technische wensen vastleggen.
- Storyboard – Visuele planning van scènes.
- Scope / deliverables – Output en kwaliteitsafspraken.
- Permit lead time – Doorlooptijd voor toestemming.
- Service-levels – Afspraken over responstijden en redundantie.
- Opleverformaten – Bestandsvormen en resoluties.
